Lang geleden, op een eiland waar de vulkanen sliepen en de rijstvelden glansden als goud onder de zon, lag een klein dorpje genaamd Desa Wangi. In het hart van dit dorp stond een pasar, een kleurrijke markt waar elke ochtend de geur van gebakken banaan, verse kruiden en wierook zich vermengde met het geroezemoes van verkopers en het gelach van kinderen.
In dit dorp woonde een jongen genaamd Ardi. Hij was nieuwsgierig van aard, altijd op blote voeten rennend over de warme aarde, en had één grote wens: zijn zieke grootmoeder genezen. Oma Lestari had hem grootgebracht met verhalen over geesten in de bergen, wijze bomen en de kracht van kruiden.
"Alles wat je nodig hebt, jongen," zei ze vaak met een glimlach, "vind je op de pasar. Maar je moet weten hoe je moet zoeken."
Op een ochtend, toen de zon net boven de palmbomen opkwam, nam Ardi haar woorden serieus. Hij nam een klein mandje, fluisterde een dankgebedje, en ging op weg naar de pasar. Niet zomaar als klant, maar als zoeker van een wondermiddel.
Op de pasar zag hij van alles:
Een oude vrouw die olie verkocht die kon helen, maar alleen als je oprecht was.
Een kruidenman die specerijen had uit zeven eilanden, elk met een geheim.
Een jonge danseres die beweerde dat haar dans zelfs verdriet kon verjagen.
En een blinde muzikant die muziek speelde die de ziel kon kalmeren.
Ardi vroeg aan iedereen: “Wat kan mijn oma beter maken?” Maar ieder gaf hem iets anders: een stukje gember, een snufje kurkuma, een lied, een glimlach.
Uiteindelijk, toen hij alles verzameld had, kwam hij een oude vrouw tegen die niemand anders leek te zien. Ze keek hem recht aan.
"Wat heb je gevonden, jongen?"
"Van alles," zei hij. "Maar ik weet niet wat het juiste is."
"Dan weet je het al," glimlachte ze. "Alles is te krijgen op de pasar, niet omdat het er letterlijk ligt, maar omdat de pasar de wereld is in het klein. Je vindt wat je zoekt als je open staat voor wat je nodig hebt."
Ardi keerde terug naar huis. Hij mengde de kruiden met liefde, zong het lied voor zijn grootmoeder, en wreef haar handen in met de olie. Ze glimlachte – voor het eerst in weken.
Die nacht droomde hij van de pasar: levendig, mysterieus, en altijd vol mogelijkheden.
Sindsdien zegt men in Desa Wangi, en op vele andere eilanden:
"Alles is te krijgen op de pasar"
maar alleen voor wie zoekt met het hart, niet alleen met de handen.




