Mijn naam is Boy Dumas en ben geboren in het bruisende Surabaya, een stad waar de geur van knoflook in de wok, verse kruiden op de markt en het constante gezoem van brommers samenkomen tot één herkenbare melodie. Daar, tussen die warmte en chaos, begon mijn verhaal. Een verhaal dat stroomt door twee aderen: Indonesisch en Nederlands. Een rijke mix die ik te danken heb aan mijn moeder én mijn vader.
Mijn roots reiken ver. Zo was mijn opa van vaderskant een nuchtere, ondernemende Fries die in koloniale tijden zijn toekomst bouwde in Solo, Midden-Java. Hij runde daar een suikerfabriek, midden tussen de rietvelden, en leerde er mijn Javaanse oma kennen. Hun ontmoeting werd de start van een familiegeschiedenis die twee werelden met elkaar verbond.
Mijn eigen reis richting Nederland begon toen ik nog een klein jongetje was. We stapten aan boord van de Groote Beer, een schip dat ooit militairen vervoerde. We vertrokken vanuit de haven Tanjung Perak in Surabaya. Het was geen luxereis. De zee was ruig, de hutten benauwd, maar in onze harten zat iets dat sterker was dan alle golven samen: hoop. Nederland wachtte, en daarmee een nieuw leven.
Vanaf de kleuterschool begon ik opnieuw. Een nieuw land, een nieuwe taal, nieuwe vrienden. Maar één ding veranderde nooit: het ondernemersbloed dat al vroeg door mijn aderen kolkte. In 1982 gaf ik toe aan dat gevoel en opende ik mijn eigen toko. Het was een bescheiden winkel, maar onder die winkel lag het echte geheim: een kleine keuken waar magie ontstond.
Samen met mijn moeder, die de recepten uit Surabaya met liefde bewaakte, begonnen we met het maken van sambals en boemboe’s. Met de hand en volgens de recepten die al generaties meegingen. Geen shortcuts, geen compromissen. Alleen de echte smaak; pittig, eerlijk, vol karakter.
Langzaam maar zeker proefde Nederland mee. Wat begon in een kleine keuken werd een merk dat inmiddels door het hele land in de schappen staat: Toko Lien. In iedere pot en in ieder zakje zit nog steeds diezelfde ziel, diezelfde herinnering aan Surabaya, aan thuis.
En ondanks alle groei en alle stappen die we sindsdien hebben gezet, is één ding nooit veranderd: de smaak van waar het allemaal begon. Want die smaak, dát is wie wij zijn. En die geven we door, van generatie op generatie.
